HR 3 april 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ8417

Redelijke termijn in ontnemingszaken. Het hof heeft vastgesteld dat de redelijke termijn in de gelijktijdig behandelde straf- en ontnemingszaak is overschreden. Het hof heeft geoordeeld dat met de constatering dat de redelijke termijn is overschreden kon worden volstaan, temeer nu het hof het rendement dat veroordeelde heeft behaald, buiten de berekening heeft gelaten. Nu het hof omtrent het daadwerkelijk behaalde rendement niets heeft vastgesteld, is ’s hofs oordeel ontoereikend gemotiveerd. De HR doet de zaak zelf af en volstaat eveneens met de constatering dat de redelijke termijn is geschonden, maar betrekt in dat oordeel dat veroordeelde in zijn strafzaak reeds een korting van drie maanden op de overwogen gevangenisstraf heeft gekregen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen