HR 13 september 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT5936
Beroep op art. 42 Sr door van medeplegen van bedrieglijke bankbreuk verdachte advocaat. De voor verdachte uit de Boekhoudverordening 1998 voortvloeiende verplichtingen hebben niets van doen met het buiten het faillissement van de cliënt houden van gelden m.b.v. verdachte die als advocaat deze cliënt in diens faillissementsprocedure had bijgestaan. Daarom is geen sprake van een situatie die onder het bereik van art. 42 Sr valt.
De uitspraak op rechtspraak.nl