HR 12 april 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS6017
Het rijverbod ex art. 162.2 WVW 1994 heeft eerst rechtskracht na de vastlegging in een beschikking en de bekendmaking daarvan aan de betrokkene (art. 3:41.1 Awb). ’s Hofs oordeel dat de omstandigheid dat het rijverbod mondeling is opgelegd niet in de weg staat aan de geldigheid van het verbod, is derhalve onjuist.
De uitspraak op rechtspraak.nl