HR 27 juni 1997, ECLI:NL:HR:1997:AG7249

Verbintenissenrecht. Ongerechtvaardigde verrijking in driepartijenrelatie. Koper van een perceel voldoet een gedeelte van de koopsom, waarna verkoper het perceel voor het resterende gedeelte van de aanvankelijke koopsom overdraagt aan een derde. Is de tweede koper ten koste van de eerste koper ongerechtvaardigd verrijkt tot het bedrag dat de eerste koper reeds had betaald? De overdracht aan de tweede koper heeft geleid tot onmogelijkheid van nakoming door verkoper jegens de eerste koper van de uit de koopovereenkomst voortvloeiende verbintenis tot eigendomsoverdracht, ongeacht het recht van de eerste koper op schadevergoeding (vgl. HR 21 mei 1976, NJ 1977, 73). Dit betekent dat de eerste koper nog slechts een op wanprestatie gegronde vordering tot vergoeding van schade jegens verkoper toekomt. Dit staat er echter niet in de weg aan de gehoudenheid van de tweede koper tot vergoeding van schade die de eerste koper mocht hebben geleden door de tweede koper ten koste van hem is verrijkt. Tussen de verrijking van de tweede koper en de verarming van de eerste koper bestaat een verband dat de conclusie wettigt dat de verrijking ten koste van de eerste koper is geschied.

De uitspraak op rechtspraak.nl