Hof 's-Hertogenbosch 23 juli 2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:1979
Van een onweerlegbaar vaststaande lijn van de gerechtshoven over de kwestie wel of niet schorsen ten behoeve van de tenuitvoerlegging van een gevangenisstraf is geen sprake. De beantwoording van die vraag bij concrete verzoeken ligt in het rechterlijk domein en is daarom per definitie overgelaten aan de rechter(s) die de concrete verzoeken beoordeelt/beoordelen. Anders dan de officier van justitie en de advocaat-generaal ziet het hof mét de rechtbank en de verdediging in dit geval reden om de voorlopige hechtenis van verdachte te schorsen ter fine van executie van de reeds onherroepelijke straffen.
De uitspraak op rechtspraak.nl