Hof 's-Hertogenbosch 28 juli 2025, ECLI:NL:GHSHE:2025:2076
Hof spreekt de verdachte vrij van het onder 2 tenlastegelegde en veroordeelt hem tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden met aftrek ter zake van: - 'als bestuurder van een rechtspersoon, wetende dat hierdoor een of meer schuldeisers van de rechtspersoon in hun verhaalsmogelijkheden worden benadeeld, voor de intreding van het faillissement, terwijl dit is gevolgd, enig goed aan de boedel heeft onttrokken, meermalen gepleegd en als bestuurder van een rechtspersoon, wetende dat hierdoor een of meer schuldeisers van de rechtspersoon in hun verhaalsmogelijkheden worden benadeeld, tijdens het faillissement enig goed aan de boedel onttrekken (feit 1); - als degene die in het faillissement van een ander wettelijk verplicht is tot het geven van inlichtingen, weigeren de vereiste inlichtingen te geven, meermalen gepleegd (feit 3). Daarnaast ontzet het hof de verdachte van het recht tot de uitoefening van het beroep van bestuurder van een rechtspersoon voor de duur van 3 jaren, en gelast het hof dat de onderhavige uitspraak openbaar zal worden gemaakt in de registers van de Kamer van Koophandel.
De uitspraak op rechtspraak.nl