Hof 's-Hertogenbosch 25 oktober 2024, ECLI:NL:GHSHE:2024:3595

Diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak. Met het oogmerk dat daarmee een misdrijf als bedoeld in art. 350a, eerste lid, of 350c wordt gepleegd, voorhanden hebben van een technisch hulpmiddel dat hoofdzakelijk geschikt gemaakt of ontworpen is tot het plegen van een zodanig misdrijf. Opzetheling. Overtreding van artikel 41, eerste lid, onder d, van de Wegenverkeerswet 1994. Poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van inklimming. Medeplegen van met het oogmerk dat daarmee een misdrijf als bedoeld in art. 350a, eerste lid, of 350c wordt gepleegd, voorhanden hebben van een technisch hulpmiddel dat hoofdzakelijk geschikt gemaakt of ontworpen is tot het plegen van een zodanig misdrijf.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen