Hof 's-Hertogenbosch 27 september 2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:3265
bestuurdersaansprakelijkheid en aansprakelijkheid bemiddelaar; vennootschap A heeft via bemiddeling van B int- en tonercartridges gekocht en vooruitbetaald bij vennootschap C. C bestelt op haar beurt bij D, betaalt D ook vooruit en D bestelt de zaken bij E. Op een gegeven moment wordt duidelijk dat de zaken niet aan A zullen worden geleverd, omdat D leverancier E niet heeft betaald, maar de vooruitbetaalde gelden voor iets heeft aangewend. A heeft de overeenkomsten ontbonden en vordert terugbetaling van de door haar vooruitbetaalde gelden van C. C heeft erkend daarvoor aansprakelijk te zijn en de rechtbank heeft de vorderingen jegens C toegewezen. Daarnaast vordert A vergoeding van haar schade van de bestuurder en indirect bestuurder van C; de rechtbank wijst deze vordering deels toe, maar het hof wijst de vorderingen jegens de bestuurders af, kort gezegd, omdat het verwijt te gering is om hen daarvoor aansprakelijk te achten. A houdt ook B aansprakelijk wegens zijn rol als bemiddelaar en nauwe betrokkenheid; B is nl enig aandeelhouder van D en heeft (mede) bewerkstelligd dat D E niet heeft betaald. Rechtbank heeft aansprakelijkheid B afgewezen, maar het hof is van oordeel dat B gelet op zijn nauwe betrokkenheid en verschillende hoedanigheden waarin hij heeft gehandeld zijn zorgplicht jegens A heeft geschonden en daarom aansprakelijk is.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 6 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 154 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 223 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 843a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 6:43 BW6
- Artikel 6:44 BW6
- Artikel 6:119 BW6
- Artikel 6:119a BW6
- Artikel 6:231 BW6
- Artikel 3:97 BW3