Hof 's-Hertogenbosch 11 mei 2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:1515
Wraking. De wrakingskamer is van oordeel dat het wrakingsverzoek niet tijdig is ingediend. Een verzoek tot wraking dient te worden gedaan, zodra de feiten en omstandigheden waarop het verzoek is gebaseerd aan de verzoeker bekend zijn geworden. Verzoeker heeft tien dagen na de zitting waarop de belastingzaak werd behandeld gewacht met het indienen van het wrakingsverzoek. Daarmee is het verzoek te laat ingediend. Volgt niet-ontvankelijkverklaring van verzoeker in zijn verzoek tot wraking.
De uitspraak op rechtspraak.nl