Hof 's-Hertogenbosch 19 maart 2020, ECLI:NL:GHSHE:2020:1028
Tussen partijen is in geschil de hoogte van de door de inspecteur te betalen immateriële schadevergoeding in verband met de overschrijding van de redelijke termijn. De inspecteur stelt zich op het standpunt dat de bezwaarfase is geëindigd op het moment dat over het inhoudelijke geschil is beslist. Onder verwijzing naar jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep komt het hof tot het oordeel dat de bezwaarfase eindigt als over het geschil en alle daarmee samenhangende kosten, waaronder begrepen proceskosten, is beslist. De inspecteur dient aan belanghebbende een immateriële schadevergoeding van € 11.500 te betalen. Het verzoek om een integrale proceskostenvergoeding wijst het hof af.
De uitspraak op rechtspraak.nl