Hof 's-Hertogenbosch 24 december 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:4663

De inmiddels failliet gegane vennootschap Co-Packing B.V. heeft de vorderingen op haar debiteuren verpand aan ABN AMRO. Appellante is een debiteur van Co-Packing. Als pandhoudster vordert ABN AMRO betaling van appellante. De zaak gaat over drie vorderingen. Ten aanzien van de eerste vordering heeft appellante de (hoogte van de) facturen betwist. Dit verweer wordt verworpen in rov. 3.4. Tegen de tweede vordering heeft appellante zich verweerd met een beroep op verrekening. Dit verweer wordt verworpen in rov. 3.5. De derde vordering is gebaseerd op een onrechtmatige daad van appellante jegens ABN AMRO door, in de periode tussen de opzegging door ABN AMRO van de kredietrelatie met Co-Packing en de openbaarmaking door ABN AMRO van haar pandrecht, vorderingen van Co-Packing op haar rechtstreeks, buiten ABN AMRO om, te voldoen door betaling aan de voortgangscrediteuren van Co-Packing. Dit verweer wordt met een uitvoerige motivering in de rov. 3.6.4 tot en met 3.6.6. verworpen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken