Hof 's-Hertogenbosch 5 juni 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:2369
Personen- en familierecht. Relatievermogensrecht. Samenlevers met kinderen. Verschillende (samenlevings)contracten. Bijdrage uit eigen middelen door man bij verkrijging gezamenlijke woning (eenvoudige gemeenschap); vorderingsrecht op de vrouw voor de helft van bijdrage; overeenkomst van geldlening; waardedaling. Uitsluiting vordering tot verdeling (art. 3:178 lid 3 BW)? Derdenbeding (art. 6:256 BW); (man als stipulator; vrouw als promissor; kinderen als derden); vordering tot nakoming ingesteld door man; verzet namens kinderen door moeder als wettelijk vertegenwoordiger. Tegenstrijdig belang; geen benoeming bijzondere curator (art. 1:250 BW).
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 30 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2228
- HR 10 juli 2015, ECLI:NL:HR:2015:1871
- HR 8 februari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY4279
- Conclusie A-G Wissink 8 juni 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV9539
- HR 23 november 2007, ECLI:NL:HR:2007:BB6176
- HR 21 april 2006, ECLI:NL:HR:2006:AU8938
- HR 20 februari 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO1427
- HR 10 januari 1992, ECLI:NL:HR:1992:ZC0469