Hof 's-Hertogenbosch 19 april 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:1720
Gebruik van identificerende persoonsgegevens, niet zijnde biometrische persoonsgegevens, in de zin van art. 231b Sr, te weten het gebruik van de naam van een ander op een valse Instagram account. Dat een ander hiervoor verantwoordelijk zou zijn, is voor het hof op geen enkele wijze aannemelijk geworden. Door verdachte zijn ook foto’s van aangever gebruikt, maar daarbij gaat het om biometrische persoonsgegevens in de zin van art. 231a Sr. Anders dan de raadsman stelt, blijkt uit de bewijsmiddelen dat de verdachte opzet heeft gehad om de naam van aangever te gebruiken met het oogmerk zijn identiteit te verhelen en de identiteit van aangever te misbruiken. Het gebruik brengt nadeel voor aangever met zich, te weten reputatieschade.
De uitspraak op rechtspraak.nl