Hof 's-Hertogenbosch 13 maart 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:1054

Fiscale fraudezaak. Vrijspraak van (het feitelijk leidinggeven aan) accijnsfraude. Juridisch toetsingskader voor het voorhanden hebben van onveraccijnsde goederen. Veroordeling voor het valselijk opmaken van administratieve geleidedocumenten (AGD's) tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden met een proeftijd van 2 jaren en een geldboete ter hoogte van € 5.000,00 subsidiair 60 dagen hechtenis, met aftrek van voorarrest. Het onderzoek van de FIOD is van de premisse uitgegaan dat aan alle AGD's fysieke goederenstromen ten grondslag hebben gelegen en dat deze goederen naar Nederland zijn vervoerd en daarmee in Nederland voorhanden zijn geweest. Daar kan echter niet zonder meer van worden uitgegaan, temeer nu veel van de AGD's valselijk zijn opgemaakt. Slechts kan worden bewezen dat de B.V. op 9 december 2009 onveraccijnsde goederen voorhanden heeft gehad. Het bewijs schiet echter tekort om te kunnen concluderen dat de verdachte daaraan feitelijk leiding heeft gegeven of dat hijzelf de feitelijke beschikkingsmacht over die goederen had. Volgt vrijspraak van hetgeen onder de feiten 1 primair, 1 subsidiair en 3 aan de verdachte ten laste is gelegd. Omdat de rol van de verdachte ten aanzien van de B.V. niet kan worden vastgesteld, kan ook niet worden bewezen dat hij feitelijk leiding heeft gegeven aan het door de B.V. medeplegen van het valselijk opmaken van AGD's. Volgt vrijspraak van feit 2 primair. Wel wettig en overtuigend bewezen is dat de verdachte samen met één of meer anderen AGD's valselijk heeft opgemaakt teneinde accijnsgoederen (te weten bier) in de verbruikssfeer te laten komen zonder dat daarover accijns zou worden geheven. Daarmee heeft hij een niet te onderschatten bijdrage geleverd aan het mogelijk maken en in stand houden van een grootschalige accijnsfraude op Europees niveau. Veroordeling voor feit 2 subsidiair.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken