Hof 's-Hertogenbosch 25 maart 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:1158

Erflaatster en haar echtgenoot hebben in 2008 een bedrag van € 72.188,28 contant opgenomen van de door hen destijds bij de Rabobank aangehouden bankrekening. Kort daarna is eerst de echtgenoot overleden en vervolgens erflaatster. Omdat de bestemming van het geldbedrag onbekend is gebleven, heeft de inspecteur een aanslag recht van schenking aan een onbekende verkrijger opgelegd. Omdat de aanslag onbetaald is gebleven, heeft de Ontvanger de erven van erflaatster (belanghebbenden) bij beschikking aansprakelijk gesteld voor de aanslag. De bewijslast ter zake van de rechtmatigheid van de beschikking rust op de Ontvanger. Het Hof is van oordeel dat niet is voldaan aan de voorwaarden voor het in aanmerking nemen van een schenking. Immers, onbekend is (i) wie is verarmd, (ii) bij wie het geldbedrag terecht is gekomen en (iii) of sprake is van vrijgevigheid.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen