Hof 's-Hertogenbosch 26 februari 2015, ECLI:NL:GHSHE:2015:625

Art. 67c AWR. Passende en geboden verzuimboete. Belanghebbende schorst eind 2010 in verband met zijn werkloosheid het kenteken om geen motorrijtuigenbelasting te hoeven te voldoen. Voor het einde van de schorsing ontvangt belanghebbende een brief van de RDW met de mededeling, dat de schorsing binnenkort afloopt. In verband met de afweging of hij de schorsing wil verlengen maakt belanghebbende op 10 november 2011 een testrit met de auto om te zien of de auto van twintig jaar oud nog goed functioneert. Dit gebruik van de weg wordt geconstateerd en de Inspecteur heft motorrijtuigenbelasting na over 12 maanden. Anders dan belanghebbende stelt is voor de naheffingsaanslag niet van belang dat hij maar 1 dag heeft gereden (HR 25 oktober 2013, nr. 11/04730, ECLI:NL:HR:2013:973). Voor de verzuimboete acht het Hof echter ten gunste van belanghebbende wel van belang dat belanghebbende gedurende de schorsingsperiode maar 1 dag van de weg gebruik heeft gemaakt. Het Hof overweegt dat bij het bepalen van de hoogte van de boete rekening moet worden gehouden met: - de omstandigheden inzake de ernst van de overtreding, - de mate waarin deze aan de overtreder kan worden verweten, - de omstandigheden waaronder de overtreding is begaan en - de omstandigheden waarin de overtreder verkeert op het moment van de beslissing door de belastingrechter (HR 28 maart 2014, 13/00279, ECLI:NL:HR:2014:685). In de door belanghebbende aangevoerde financiële omstandigheden ziet het Hof geen reden tot matiging: belanghebbende heeft een flinke overwaarde op zijn eigen woning. De omstandigheid, dat belanghebbende gedurende de schorsingsperiode niet meer dan 1 dag heeft gereden, dat belanghebbende geloofwaardig spijt heeft betuigd en inziet dat hij een fout heeft begaan, dat hij alleen maar beoogde een testrit te maken geven het Hof aanleiding de boete te matigen van € 1.055 tot € 250.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken