Hof 's-Hertogenbosch 2 april 2015, ECLI:NL:GHSHE:2015:1174
Belanghebbende houdt zich bezig met de uitgifte en verkoop van G-cards, die recht geven op korting bij bestellingen bij of in de op de desbetreffende kaart vermelde bedrijven. Het HvJ heeft voor recht verklaard dat artikel 13, B, sub d, van de Zesde Richtlijn (77/388/EEG) aldus moet worden uitgelegd dat verkoop van deze kortingkaart geen handeling betreffende “andere waardepapieren” of “andere handelspapieren” vormt in de zin van punt 5 respectievelijk punt 3 van deze bepaling, welke bepaling ziet op een aantal handelingen die de lidstaten moeten vrijstellen van BTW. De uitgifte en verkoop van de G-card is evenmin vrijgesteld van omzetbelasting op grond van het vertrouwensbeginsel dan wel het gelijkheidsbeginsel. Hoger beroep ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl