Hof 's-Hertogenbosch 3 oktober 2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:4002

KB-Lux. In geschil is een groot aantal vragen. I. Mag de uit België ontvangen informatie, meer specifiek de fotokopieën van microfiches, gebruikt worden als bewijsmateriaal of is sprake van onrechtmatig verkregen bewijs? II. De navorderingsaanslag VB 1991 met als dagtekening 30 december 2002 (een zogenoemde penaanslag) bevat een verschrijving: een “nul” in plaats van een punt “.”. De Inspecteur stuurt op 10 januari 2003 een brief ter herstel van de fout. Is daardoor de penaanslag is herroepen of vernietigd? III. Zijn de navorderingsaanslagen binnen de navorderings¬termijn opgelegd? Deze vraag kent twee onderdelen. (a) Zijn de navorderingsaanslagen tijdig, dat wil zeggen voor ommekomst van de 12-jaarstermijn bedoeld in artikel 16, lid 4, AWR ter post bezorgd? (b) Heeft de Inspecteur bij het voorbereiden en opleggen van de aanslagen voldoende voortvarend gehandeld? IV. Heeft belanghebbende recht op vergoeding van immateriële schade, bestaande uit smart en spanning, wegens de lange duur van de procedure? V. Heeft belanghebbende recht op een integrale proces¬kos¬ten¬ver¬goeding? De Inspecteur poogt met de inbreng van een schriftelijk getuigenverslag te voorkomen dat een ernstig zieke getuige voor het Hof moet verschijnen. Belanghebbende maakt vergeefs bezwaar tegen inbreng van de verklaring; de getuige is immers nadien alsnog in persoon verschenen en belanghebbende heeft op de verklaring kunnen reageren. Het Hof beantwoordt voorts alle materiele vragen in het nadeel van belanghebbende. Wel kent het Hof een vergoeding voor immateriële schade toe wegens de lange duur van de procedure,

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken