Hof 's-Hertogenbosch 7 februari 2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:243
Uitvoeringsregeling visserij. Begrippen 'vast vistuig' en 'voor dadelijk gebruik geschikt.' Verdachte werd verweten dat hij op of in de nabijheid van enig water, behorend tot de kustwateren, vistuig dat op grond van de Uitvoeringsregeling visserij verboden is voorhanden heeft gehad. Op dit verbod is een uitzondering gemaakt als de vistuigen zodanig zijn verpakt dat deze niet voor dadelijk gebruik geschikt zijn. Daarvan was in het onderhavige geval sprake. OVAR, feit niet strafbaar.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 261 Sv
- Artikel 359 Sv
- Artikel 1 Visserijwet 1963
- Artikel 10 Reglement voor de binnenvisserij 1985
- Artikel 1 Uitvoeringsregeling visserij
- Artikel 11 Uitvoeringsregeling visserij
- Artikel 12 Uitvoeringsregeling visserij
- Artikel 22 Uitvoeringsregeling visserij
- Artikel 23 Uitvoeringsregeling visserij
- Artikel 37 Uitvoeringsregeling visserij