Hof 's-Hertogenbosch 4 februari 2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:206

Zorgverzekeraar Menzis is geslaagd in bewijslevering dat door bestuurder van taxibusje, WAM-verzekerde van Achmea, plotseling en abrupt en zonder verkeersnoodzaak heeft geremd. Daarmee heeft bestuurder onrechtmatig jegens de verzekerde van Menzis gehandeld, die met zijn bromfiets te kort achter de taxibus reed, met een snelheid van in ieder geval 35 km, niet meer kon remmen, tegen de taxibus is geknald en daarbij ernstig letsel heeft opgelopen (dwarsleasie). Het hof komt – op grond van de bewijslevering - tot een andere weging van de wederzijdse omstandigheden dan de rechtbank en is van oordeel dat het verkeersgedrag van de bromfietser voor 60% en dat van de bestuurder voor 40 % aan het ongeval hebben bijgedragen (rechtbank: 75% en 25%). De rechtbank had het beroep van de verzekeraar op de billijkheidscorrectie afgewezen en de daartegen gerichte grief van Menzis slaagt. Naar het oordeel van het hof komt ook aan de regresnemend verzekeraar een beroep op de billijkheidcorrectie toe. Het hof verhoogt de aansprakelijkheid van Achmea op grond van de billijkheidscorrectie met 25% en Achmea is derhalve gehouden 65% van de kosten die Menzis op grond van de polis dient te vergoeden voor haar rekening te nemen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen