Hof 's-Hertogenbosch 24 juni 2011, ECLI:NL:GHSHE:2011:BS1093
De voormalig adviseur van belanghebbende bracht de door hem netto betaalde lonen van de werknemers van belanghebbende in rekening aan belanghebbende met daarover berekende omzetbelasting. Deze omzetbelasting trok belanghebbende vervolgens af. De inspecteur stelde zich op het standpunt en legde naheffingsaanslagen op. Het Hof verwijst allereerst naar het arrest Genius Holding, HvJ 13 december 1989, C-342/87 en bevestigt het in dat arrest ingenomen standpunt dat omzetbelasting die op grond van artikel 37 is verschuldigd niet aftrekbaar is bij degene aan wie de omzetbelasting in rekening is gebracht. Het Hof verwijt belanghebbende vervolgens dat belanghebbende niet de vereiste zorgvuldigheid in acht heeft genomen bij de beoordeling van de aan haar uitgereikte facturen; ook het feit dat het belanghebbendes adviseur was die de facturen verstuurde brengt niet met zich mee dat deze facturen blindelings gefiatteerd mogen worden. Het Hof ziet vervolgens in het verloop van de procedure geen aanleiding om de heffingsrente aan te passen. Geen integrale kostenvergoeding voor de bezwaarfase. Hoger beroep gegrond
De uitspraak op rechtspraak.nl