Hof 's-Hertogenbosch 2 december 2010, ECLI:NL:GHSHE:2010:BP7311

Belanghebbende heeft op 20 oktober 2003 een perceel agrarische grond gekocht en op 27 november 2003 een verzoek bij de gemeente ingediend om vrijstelling van het bestemmingsplan in het kader van de regeling Ruimte voor Ruimte. De gemeente heeft op 4 mei 2004 besloten om belanghebbende een bouwcontingent ter beschikking te stellen voor een bedrag van € 96.000,-. Belanghebbende heeft ruim € 128.000,- ontwikkelingskosten gemaakt. In geschil is de waarde van de op 20 oktober 2003 verworven grond. Belanghebbende stelt dat het een perceel landbouwgrond betreft, de inspecteur spreekt van maagdelijke bouwgrond. De inspecteur taxeert de waarde op € 45.000,-. aan de hand van de door belanghebbende aangevoerde vergelijkingspercelen komt het Hof tot de conclusie dat de inspecteur de door hem verdedigde waarde niet waar maakt. De door belanghebbende voorgestane waarde van € 6.145,- wordt door hem evenmin waar gemaakt, belanghebbende legt ook geen taxatierapport over. Het Hof stelt tenslotte de waarde voor de overdrachtsbelasting in goede justitie vast op € 37.000,- waarbij het Hof overweegt dat nu het hier gaat om zogenaamde warme grond de waarde in ieder geval gesteld kan worden op € 30 per vierkante meter. Hoger beroep van de inspecteur is gegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen