Hof 's-Hertogenbosch 24 september 2010, ECLI:NL:GHSHE:2010:BP4368
Belanghebbende onderhoudt een moskeegebouw. Een activiteit van belanghebbende bestond in de exploitatie van een winkel in Turkse specialiteiten die gevestigd was in een aparte, aan de moskee grenzende, ruimte. De opbrengsten van de winkel werden gebruikt voor het onderhoud van de moskee. De winkel werd bemensd door vrijwilligers. Niet in geschil is dat belanghebbende voor wat betreft de winkel een onderneming dreef en dat bij belanghebbende de behartiging van een algemeen maatschappelijk belang op de voorgrond staat. In geschil is of belanghebbende recht heeft op een fictieve loonkostenaftrek als bedoeld in art. 9, lid 1, onderdeel j, Wet Vpb, en meer in het bijzonder of sprake is van ernstige concurrentieverstoring als gevolg van de aftrek, als bedoeld in de laatste volzin van genoemde bepaling. Anders dan de inspecteur is het hof van oordeel dat er, gelet op de tekst van de wet, een causaal verband tussen de aftrek en de ernstige concurrentieverstoring aanwezig dient te zijn. Dit causaal verband is volgens het hof door de inspecteur niet aannemelijk gemaakt.
De uitspraak op rechtspraak.nl