Hof 's-Hertogenbosch 2 juli 2010, ECLI:NL:GHSHE:2010:BO1897

Belanghebbende verricht diensten zoals het geven van bedrijfsadviezen en vertaalwerkzaamheden ten behoeve van ondernemingen die zaken doen in China. Deze activiteiten worden verricht in het economisch verkeer en niet in geschil is dat belanghebbende met deze activiteiten beoogt geldelijk voordeel te behalen. In geschil is of dit voordeel ook redelijkerwijs te verwachten was, zodat de activiteiten een bron van inkomen vormen. Het hof stelt voorop dat de feiten en omstandigheden per eind 2001 maatgevend zijn. Beoordeeld moet worden of belanghebbende toen redelijkerwijs kon verwachten dat de activiteiten haar in de toekomst meer dan incidenteel positieve opbrengsten zouden opleveren. Het hof komt tot het oordeel dat die verwachting ultimo 2001 niet reëel was. Het behaalde resultaat is sinds 1996 negatief en belanghebbende heeft geen feiten en omstandigheden aangevoerd op grond waarvan kan worden aangenomen dat de objectieve verwachting bestond dat in de toekomst de bedrijfsresultaten zouden verbeteren.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen