Hof 's-Hertogenbosch 21 april 2010, ECLI:NL:GHSHE:2010:BM1941
Veroordeling van een vreemdeling ter zake art. 231 Sr; in het bezit zijn van een vervalst paspoort, terwijl hij wist dat het vervalst was. Verdachte beroept zich op artikel 31, eerste lid, van het Vluchtelingenverdrag. Het openbaar ministerie is ontvankelijk in de vervolging. Artikel 31 van het Vluchtelingenverdrag staat hier slechts aan in de weg, indien op voorhand evident is dat op de verdachte de in dat artikel genoemde voorwaarden waaronder geen strafsancties zullen worden opgelegd van toepassing zijn. In casu is daarvan geen sprake. Verdachte is strafbaar voor het bewezen verklaarde. Hij heeft in Griekenland verbleven en aldaar een vervalst paspoort aangeschaft. Griekenland is een veilig land. Verdachte is derhalve niet rechtstreeks gekomen van een grondgebied waar zijn leven of vrijheid in de zin van artikel 1 van het Vluchtelingenverdrag werd bedreigd.
De uitspraak op rechtspraak.nl