Hof 's-Hertogenbosch 25 november 2009, ECLI:NL:GHSHE:2009:BK8089
1. Machtiging tot binnentreden in "iedere woning waarin verdachte zich bevindt of wordt verondersteld zich te bevinden" gegeven door hulpofficier van justitie. Hof oordeelt deze machtiging niet geldig nu niet is voldaan aan de eis van art. 5 lid 3 Awbi dat sprake is van dringende noodzakelijkheid en het optreden van de officier van justitie niet kan worden afgewacht, zodat slechts de officier van justitie bevoegd was deze machtiging te geven. Dit leidt tot uitsluiting van het bewijs dat rechtstreeks door het onrechtmatig binnentreden is verkregen (een boksbeugel). Beroep op niet-ontvankelijkheid van openbaar ministerie omdat de politie stelselmatig art. 5 lid 3 Awbi aan zijn laars zou lappen, afgewezen nu het hof de beweerde stelselmatigheid niet aannemelijk acht. 2. ISD-maatregel afgewezen nu het hof de verdachte niet gevoelig acht voor gedragsinterventies, de verdachte niet gemotiveerd is voor een behandelprogramma en niet te verwachten is dat hij zijn opstelling gedurende de tenuitvoerlegging zal wijzigen. Alsdan draagt de ISD-maatregel niet bij aan speciale preventie.
De uitspraak op rechtspraak.nl