Hof 's-Hertogenbosch 9 september 2008, ECLI:NL:GHSHE:2008:BF7468
[appellant] stelt (grief 1) dat hij in het geheel geen rekening-courantschuld meer heeft jegens [geïntimeerde sub 1], hetgeen [appellant] ook heeft gesteld in de nadere akte in eerste aanleg, zulks in afwijking van zijn eerdere erkenning in eerste aanleg dat de rekening-courantschuld per 31 december 1996 f 60.039,- (inl. dagv. pag. 2) en per 31 december 2001 f 61.740,69 was (cvr in conventie punt 15 en 23 juncto prod 5) en hij genoemd bedrag nog verschuldigd is aan [geïntimeerde sub 1] (cvd in reconventie punt 3). [appellant] voert daartoe aan - kort gezegd - dat zijn rekening-courantschuld is vereffend in het kader van de vereffening van Het hof is van oordeel dat [appellant] deze stelling feitelijk onvoldoende heeft onderbouwd. Er bestaat geen enkele aanwijzing dat bedoelde rekening-courantschuld reeds is vereffend in het kader van de vereffening van [geïntimeerde sub 1]. Grief 1 faalt dus.
De uitspraak op rechtspraak.nl