Hof 's-Hertogenbosch 19 juni 2008, ECLI:NL:GHSHE:2008:BE9019
Gelet reeds op de in 2.5 tot en met 2.7 vermelde feiten en omstandigheden, in onderlinge samenhang bezien, voldeed belanghebbende, naar het oordeel van het Hof, niet aan de uit artikel 52 AWR voortvloeiende administratieve verplichtingen In dit verband merkt het Hof op dat de ontvangsten in de berekening van belanghebbende een sluitpost vormden. Gelet op de hoogte van de omzetten als door belanghebbende verantwoord en gelet op de omstandigheid dat in de motorfietsenhandel door de klanten als regel contant werd betaald, voldeed het door belanghebbende gebezigde systeem van ontvangstberekening niet aan de eisen in voormeld artikel 52 gesteld. Ook het niet bijhouden van een administratie met betrekking tot de voorraad motorfietsen alsmede hetgeen door de controleambtenaar in het rapport is opgemerkt met betrekking tot de traceerbaarheid van "de goederenstroom van de motoren", aan welke opmerking het Hof geloof hecht, een en ander in onderlinge samenhang bezien, maken een juiste vaststelling van de vermogenstoestand van belanghebbende onmogelijk. Een aanwijzing dat belanghebbende niet (volledig) heeft voldaan aan de eisen in voormeld artikel 52 gesteld, vormen voorts de zeer grote schommelingen in de door belanghebbende verantwoorde bruto winstpercentages. Voor die schommelingen heeft belanghebbende geen afdoende verklaring gegeven.
De uitspraak op rechtspraak.nl