Hof 's-Hertogenbosch 6 mei 2008, ECLI:NL:GHSHE:2008:BD5666

Appellant vorderde in eerste aanleg vergoeding op te maken bij staat van door hem geleden schade, nu hij aan asbest is blootgesteld geweest waardoor bij hem de angst is ontstaan dat hij een fatale asbestziekte zou krijgen. Van lichamelijke klachten was in eerste aanleg (en ook in hoger beroep) geen sprake. Geïntimeerde zou als materieel werkgever tekort zijn geschoten in haar verplichting om veiligheidsmaatregelen te nemen en dit verzuim zou de kans dat appellant asbestkristal zou inademen in aanmerkelijke mate hebben verhoogd. Kantonrechter wijst de vordering af. Hof concludeert dat geïntimeerde op grond van art. 7:658 BW aansprakelijk is en gehouden is de door appellant geleden schade te vergoeden en wijst de vordering tot schadevergoeding op te maken bij staat toe

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen