Hof 's-Hertogenbosch 8 april 2008, ECLI:NL:GHSHE:2008:BD2952

De belanghebbende stelt dat de kosten van het bedrijfslid-maatschap, voor zover deze zijn toe te rekenen aan de aanwezigheid van haar personeel met klanten aldaar primair in het bedrijfsbelang zijn gedaan, omdat het uit het oogpunt van bedrijfsbelang noodzakelijk was om de klanten te ontvangen en met hen contact te onderhouden. Het Hof acht de stelling dat de bezoeken aan de golfbaan noodzakelijk zijn om de klanten te ontvangen en met hen contact te onderhouden op zichzelf aannemelijk. Dat neemt evenwel niet weg dat sprake is van het gelegenheid geven tot ontspanning aan het personeel als bedoeld in artikel 1, eerste lid, aanhef en onder c, van het BUA respectievelijk het geven van een relatiegeschenk als bedoeld in artikel 1, eerste lid, aanhef en onder b, van het BUA. Het Hof overweegt daartoe dat de bezoeken aan de golfbaan met klanten een bij uitstek consumptief karakter dragen. De omstandigheid dat zakelijke belangen mede worden gediend, is inherent aan de uitgaven als bedoeld in het BUA.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen