Hof 's-Hertogenbosch 20 maart 2008, ECLI:NL:GHSHE:2008:BD0002
Nu de belanghebbende het vermoeden van het Hof, dat de belanghebbende per 1 januari 2001 beschikte over een tegoed van fl. 2.972.347 op een Zwitserse bankrekening, niet heeft ontzenuwd is het Hof van oordeel, dat de belanghebbende over het onderhavige jaar niet de vereiste aangifte heeft gedaan. De belanghebbende heeft op 19 maart 2002 aangifte gedaan van een verzamelinkomen van fl. 38.945, waarin begrepen een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van nihil. Gelet op het in de rechtsoverwegingen 4.4 en 4.9 aangeduide niet-ontzenuwde vermoeden had de belanghebbende voor de bepaling van dit belastbare inkomen een vermogen per 1 januari 2001 moeten aangeven van fl. 2.972.347. Dit bedrag respectievelijk het daaruit voortvloeiende belastbaar inkomen uit sparen en beleggen is zowel absoluut als relatief ten opzichte van het wel aangegeven vermogen respectievelijk inkomen zo groot, dat de belanghebbende niet de vereiste aangifte heeft gedaan.
De uitspraak op rechtspraak.nl