Hof 's-Hertogenbosch 4 december 2007, ECLI:NL:GHSHE:2007:BC0135

Werkgever plaatst werknemer in een functie lager dan de functie waarin hij is aangenomen. Bij die gelegenheid deelt werkgever werknemer mede dat deze vooralsnog blijft ingedeeld in de salarisschaal waarin hij is aangenomen. Bijna drie jaar later past werkgever met een beroep op de CAO het salaris van werknemer alsnog aan de nieuwe situatie aan. Werknemer is het niet eens met deze salarisverlaging en vordert betaling van het loon dat hoort bij de functie waarin hij is aangenomen. Kantonrechter wijst de vordering toe. Hof oordeelt dat er op het moment dat werkgever het salaris wil verlagen zoveel tijd sedert de terugplaatsing is verstreken, zodat het recht van werknemer op het hogere salaris niet eenzijdig door werkgever met een beroep op de CAO kan worden aangepast en bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter in zoverre. Anders dan de kantonrechter is het hof met een beroep op art. 7:629 lid 1 BW (oud) van oordeel dat werknemer slechts gedurende 52 weken recht heeft op loon.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen