Hof 's-Hertogenbosch 23 oktober 2007, ECLI:NL:GHSHE:2007:BB7389
[appellanten] hebben zich in appel beroepen op het "in brede kring" aanvaarde standpunt dat het niet geoorloofd is te vluchten in een faillissement om daarmee aan verplichtingen jegens werknemers te ontkomen (HR 29 juni 2001, JOR 2001, 169). [appellanten] betogen terecht dat er sprake kan zijn van misbruik van bevoegdheid tot aangifte van faillietverklaring indien de vennootschap deze bevoegdheid tot het doen van aangifte heeft uigeoefend voor een ander doel dan waarvoor deze is verleend. In het onderhavige geval is echter niet komen vast te staan dat hiervan sprake is. Het gaat hier om een vennootschap, Deco Tricot, die al enige jaren verlies leed en die te kampen had met hoge loonkosten in een markt waarin - volgens het verslag van de curator ex art. 73a Fw - het confectiewerk veelal naar het buitenland (Polen, Turkije) of naar illegale ateliers ging. Van omstandigheden die er op duiden dat Deco Tricot onnodig haar faillissement heeft aangevraagd met de enkele bedoeling om daarmee aan [appellanten] de arbeidsrechtelijke bescherming te onthouden, is niet gebleken.
De uitspraak op rechtspraak.nl