Hof 's-Hertogenbosch 5 oktober 2006, ECLI:NL:GHSHE:2006:AZ8738
De belanghebbende is een sigarenproducent, die jaarlijks ongeveer 600 miljoen sigaren produceert onder de merknamen G, H, I en J. Zij zet de sigaren met name af in Europa, maar exporteert tevens naar ruim 100 landen daarbuiten. [..] De belanghebbende heeft naar het oordeel van het Hof met de bescheiden zoals weergegeven in 2.7 tot en met 2.11, met name die vermeld onder 2.7.4, 2.8.4, 2.9.4, 2.10.4 en 2.11.4, aan de juistheid waarvan het Hof geen reden heeft te twijfelen, overtuigend aangetoond dat de litigieuze goederen in het kader van de levering aan K niet alleen aan boord zijn gebracht en gebleven van een zeeschip, dat de bestemming had de Gemeenschap te verlaten en dat de Gemeenschap ook heeft verlaten, maar zij heeft met die bescheiden ook overtuigend aangetoond, dat de litigieuze goederen in het kader van die levering zijn ontvangen in landen buiten de Gemeenschap. Mede gelet op het arrest van de Hoge Raad der Nederlanden van 27 januari 2006, nr 39 810, onder meer gepubliceerd in BNB 2006/151 en gelet op hetgeen onder 4.6 is overwogen, moet worden geoordeeld dat voldaan is aan de voorwaarden voor toepassing van het nultarief op de onderhavige leveringen. De overige stellingen van de Inspecteur doen aan dit oordeel niet af.
De uitspraak op rechtspraak.nl