Hof 's-Hertogenbosch 21 februari 2006, ECLI:NL:GHSHE:2006:AW2885

Deze door KNP gereleveerde omstandigheden doen er echter niet aan af dat het resultaat van die eerdere procedure was dat KNP op grond van de in 1970 gesloten koopovereenkomst aan [naam] het restant van de koopsom (grotendeels) moest betalen en eveneens de overeengekomen contractuele rente verschuldigd was. Ook al was tussen partijen de precieze hoogte van die door KNP te betalen rente nog in discussie, vaststond in ieder geval dat er door KNP betaald moest worden. Nu zij dat niet heeft gedaan, is zij de wettelijke rente verschuldigd. Voor zover KNP heeft willen betogen dat deze wettelijke rente niet van toepassing is, omdat dat in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn, volgt het hof KNP niet in dit betoog. De door KNP genoemde omstandigheden rechtvaardigen immers niet de conclusie dat het naar maatstaven van redelijk en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn om de wettelijke rente te moeten betalen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen