Hof 's-Hertogenbosch 15 april 2005, ECLI:NL:GHSHE:2005:AT5851
In dit geschil staat de vraag centraal of, en zo ja, tot welk bedrag, de aan de drie directeuren alsmede de aan het technisch personeel over de maand augustus 1999 verstrekte vaste kostenvergoedingen al dan niet onderdeel uitmaken van een vaste kostenvergoeding die ressorteert onder de vrijstelling van artikel 11, eerste lid, onderdeel j, aanhef en onder 3, van de Wet. Belanghebbende is van mening dat de kostenposten zoals genoemd in 2.4 tot een bedrag van in totaal fl. 605,=, eveneens onderdeel dienen uit te maken van de door belanghebbende verstrekte onbelaste vaste kostenvergoeding. De Inspecteur is van mening dat dit slechts tot een bedrag van fl. 125,= het geval is.
De uitspraak op rechtspraak.nl