Hof 's-Hertogenbosch 8 juni 2004, ECLI:NL:GHSHE:2004:AS2111

Met deze omstandigheden ligt aan het hof allereerst de (principiële) vraag voor of de huurachterstand, zoals die ten tijde van het definitief van toepassing verklaren van de schuldsaneringsregeling ten aanzien van [appellant] bestond, grondslag kan zijn voor de ontbinding van de huurovereenkomst van partijen. In de rechtspraak en de literatuur wordt deze vraag niet eenduidig beantwoord, hetgeen zijn oorsprong lijkt te vinden in de redactie van artikel 305 lid 2 Fw., welk artikellid de begrippen "beëindigen" en "opzegging" door de verhuurder naast elkaar gebruikt, maar niet spreekt van ontbinding (door de rechter).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen