Hof 's-Hertogenbosch 13 januari 2004, ECLI:NL:GHSHE:2004:AO4093
Naar het voorlopig oordeel van het hof moet de rechtsverhouding tussen [naam prof.]en [principaal appellante] niet gekwalificeerd worden als een (geneeskundige) behandelingsovereenkomst, maar als een keuring in opdracht van een ander als bedoeld in art. 7:446 lid 5 BW. Vervolgens bepaalt art. 7:464 lid 1 BW dat op medische situaties waaraan geen behandelingsovereenkomst ten grondslag ligt afdeling 5 van titel 7 van Boek 7 BW desondanks van overeenkomstige toepassing is, voor zover de aard van de rechtsbetrekking zich daartegen niet verzet.
De uitspraak op rechtspraak.nl