Hof 's-Hertogenbosch 13 november 2003, ECLI:NL:GHSHE:2003:AO5110
Tussen partijen is in geschil het antwoord op de volgende vragen: I. Zijn de naheffingsaanslagen juist te naam gesteld? II. Bij bevestigende beantwoording van vraag I: is sprake van uitslag in de zin van artikel 1, tweede lid juncto artikel 2, eerste lid juncto artikel 2, derde lid van de Wet op de accijns (in de voor het jaar 1993 geldende tekst) juncto artikel 2a van het Uitvoeringsbesluit accijns (in de voor het jaar 1993 geldende tekst) (hierna: het UB accijns)? III. Zo vraag II bevestigend moet worden beantwoord: Kan de belanghebbende aan artikel 15, vierde lid van de Richtlijn 92/12/EEG van 25 februari 1992, PbEG 23 maart 1992, nr. L 76 (hierna: de Horizontale richtlijn), dan wel de Leidraad accijns 1997, Besluit van 14 augustus 1997, nr. VB97/1542, ter vervanging van de Leidraad accijns 1993, Beschikking van 24 augustus 1993, nr. VB93/762 (hierna: de Leidraad accijns 1997) het vertrouwen hebben ontleend, dat zij met de door haar overgelegde bescheiden aannemelijk heeft gemaakt dat het belastbare feit uitslag zich niet voordoet? IV. Zo vraag II bevestigend moet worden beantwoord en vraag III ontkennend: kan de belanghebbende aan de handelwijze van het douanedistrict Rotterdam het vertrouwen ontlenen, dat zij met de door haar overgelegde bescheiden aannemelijk kan maken dat het belastbare feit uitslag zich niet voordoet, nu, naar de belanghebbende stelt, vorenbedoeld douandistrict AGD's als gezuiverd aanmerkt zonder ambtelijke tussenkomst van het ontvangende land? V. Bij bevestigende beantwoording van vraag I: is voor de omzetbelasting het zogenaamde 0% tarief van artikel 9, tweede lid, aanhef, onderdeel b van de Wet OB 1968 juncto de bij die wet behorende tabel II, post a.6 van toepassing? Deze vraag spitst zich toe op de vraag of uit de door de belanghebbende overgelegde bescheiden de toepasselijkheid van vorenbedoeld tarief aan de hand van boeken en bescheiden blijkt, een en ander in de zin van artikel 12 van het Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968?
De uitspraak op rechtspraak.nl