Hof 's-Hertogenbosch 14 december 2003, ECLI:NL:GHSHE:2003:AO4918

Het geschil betreft het antwoord op de volgende vragen: * Heeft een buitenlandse belastingplichtige inwoner van een lidstaat die in Nederland geen inkomen uit werk, maar slechts inkomen uit sparen en beleggen geniet, en dus niet premieplichtig is en geen premie afdraagt voor de Nederlandse volksverzekeringen, bij de berekening van zijn belastbaar inkomen uit sparen en beleggen, op grond van het EG-recht, recht op toekenning door Nederland van de heffingskortingen voor de volksverzekeringen (de heffingskortingen voor de algemene ouderdomsverzekering, de nabestaandenverzekering en de algemene verzekering bijzondere ziektekosten)? * Is het bij de beantwoording van deze vraag van belang dat de buitenlandse belastingplichtige minder dan 90% van zijn gezinsinkomen in Nederland geniet? * Is het bij de beantwoording van de eerste vraag van belang dat de buitenlandse belastingplichtige geen gebruik heeft gemaakt van de in de Nederlandse Wet IB 2001 voorziene mogelijkheid om te opteren voor een behandeling als binnenlandse belastingplichtige (hierna: optieregeling)?

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen