Hof 's-Gravenhage 29 september 2005, ECLI:NL:GHSGR:2005:AU3524

Het hof verwerpt de grieven van Leemhuis. Niet is komen vast te staan dat de fout in het rechtshulpverzoek enig gevolg heeft gehad, zodat schade voor Leemhuis door onjuistheden in dat rechtshulpverzoek niet worden aangenomen. Het strafrechtelijk vervolgen van een verdachte ten aanzien van wie een redelijk vermoeden van schuld aan een strafbaar feit bestaat, geeft in beginsel geen aanspraak op vergoeding van schade jegens de Staat. Gezien dit criterium heeft de rechtbank voorts terecht overwogen dat uit het oordeel van de strafrechter in het vonnis van 22 juni 2001 niet rechtstreeks voortvloeit dat er sprake is van een onrechtmatige daad die op grond van artikel 6:162 BW tot schadevergoeding aan Leemhuis moet leiden. Van de onschuld van Leemhuis is niet gebleken zodat ervan moet worden uitgegaan dat de verdenking aan de in artikel 27 Sv neergelegde maatstaf beantwoordde en dat de strafvorderlijke maatregelen op grond van die verdenking niet onrechtmatig waren. Voor het oordeel dat de rechter-commissaris de beslissing tot het openen van het gerechtelijk vooronderzoek niet weloverwogen, althans op grond van ondeugdelijke informatie, heeft genomen, is geen grond. Niet kan niet worden gezegd dat geen redelijk handelend officier van justitie gebruik zou maken van de bevoegdheid om onderbewindstelling te vorderen. Ook de mededelingen van de officier van justitie tijdens de onderbewindstellingszitting hebben niet tot toewijzing van de gevorderde onderbewindstelling geleid. Niet kan worden geoordeeld dat het handelen van de Staat zodanig disproportioneel was, dat dit onrechtmatig jegens Leemhuis was. Het hof gaat er met de rechtbank vanuit dat de aanhouding en daarmee ook de huiszoekingen, buiten toedoen van de Staat de aandacht van de pers en publiek kregen. Anders dan Leemhuis aanvoert, was er geen plicht voor het openbaar ministerie om met het informeren van het publiek te wachten totdat het een completer beeld van de zaak had. Niet kan worden geoordeeld dat de persberichten van 24, 25, 27 en 28 oktober 1997, waarop Leemhuis de onrechtmatige daad grondt, onjuiste of onnodig veel informatie inhouden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen