Hof 's-Gravenhage 10 juni 2003, ECLI:NL:GHSGR:2003:AH9993

Aanslagen verontreinigingsheffing rijkswateren. Stelling van belanghebbende dat de gemeten CZV-waarde voor ten minste 25 percent afkomstig is van biologisch niet of nagenoeg niet afbreekbare stoffen in het afvalwater, is niet aannemelijk gemaakt. Schending van gelijkheidsbeginsel. Stelling van belanghebbende dat de Inspecteur ten aanzien van lozingen van afvalwater vanaf "spoelschepen" een begunstigend beleid heeft gevoerd is niet aannemelijk gemaakt. Voor zozver belanghebbende heeft gesteld dat in een meerderheid van de daarvoor in aanmerking komende gevallen de heffing voor de onderhavige jaren achterwege is gebleven, heeft zij die gevallen niet met voldoende concreetheid benoemd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen