Hof Leeuwarden 4 augustus 2011, ECLI:NL:GHLEE:2011:BR4275
1. Wederrechtelijke vrijheidsberoving, poging zware mishandeling, mishandeling gedurende langere periode en illegaal vuurwerkbezit. De bewijsverweren van de raadsman worden gepasseerd. 2. Anders dan rechtbank en AG, geen oplegging maatregel van TBS. Het hof komt namelijk niet tot de vaststelling dat er sprake was van een gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van de geestvermogens ten tijde van het bewezenverklaarde. Beide deskundigen van het PBC komen tot de conclusie dat de verdachte waarschijnlijk lijdt aan een persoonlijkheidsstoornis, maar door de weigering van verdachte om mee te werken aan onderzoek zijn de onderzoeksmogelijkheden te beperkt gebleven om een verantwoord oordeel te geven over de aanwezigheid van een persoonlijkheidsstoornis binnen de grenzen van de beroepsethiek. Het hof beschikt niet over andere stukken over verdachte dan de deskundigen en uit de aard/ernst van de feiten in combinatie met de door verdachte afgelegde verklaringen, kan het hof niet vaststellen dat er sprake was een gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van de geestvermogens. Mede gelet op de recidive van verdachte en de beveiliging van de maatschappij, legt het hof een fors hogere gevangenisstraf op dan in eerste aanleg en thans door de AG gevorderd. Daarbij wordt in het bijzonder overwogen dat het hof, anders dan de rechtbank en de AG, niet tot de vaststelling komt dat de bewezenverklaarde feiten in verminderde mate aan verdachte kunnen worden toegerekend. Het hof legt een gevangenisstraf van 6 jaren op.
De uitspraak op rechtspraak.nl