Hof Leeuwarden 9 september 2008, ECLI:NL:GHLEE:2008:BF0762

Het hof is van oordeel dat, daargelaten de vraag of [appellante 2] na de beschikkingen van het hof van 24 augustus 2005 nog als voorzitter van Schaapstil kan worden aangemerkt, aan art. 5 lid 14 in ieder geval niet de bevoegdheid kon worden ontleend om bedoeld besluit te nemen. Deze bepaling heeft immers uitsluitend betrekking op de situatie dat er sprake is van een geschil omtrent een stemming waarin de statuten niet voorzien. Die situatie doet zich echter hier niet voor. Nu gesteld noch gebleken is dat [appellante 2] op grond van de statuten langs andere weg zelfstandig bevoegd was om het besluit te nemen, leidt dit tot het oordeel dat [appellante 2] in zoverre onbevoegd was.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen