Hof Leeuwarden 26 september 2007, ECLI:NL:GHLEE:2007:BB4428

Het hof deelt het oordeel van de kantonrechter dat een geschuif met een werknemer tussen twee uitzendondernemingen behorende tot hetzelfde concern, met geen ander doel dan het voorkomen van een vast dienstverband, niet ten nadele van de werknemer mag strekken. Een redelijke, met het stelsel van de wet en de strekking van artikel 7:668a en artikel 7:691 BW, gelezen in het licht van Richtlijn 99/70/EG, strokende toepassing van die wetsbepalingen brengt dan ook mee dat de te dezen gekozen constructie niet leidt tot het ontnemen aan [geïntimeerde] van diens door de wet gewaarborgde ontslagbescherming en dat de in artikel 14, vierde lid, van de CAO voorziene uitzondering buiten toepassing moet blijven en de relatie tussen [geïntimeerde] en AB Oost, wat betreft de wettelijke regels die gelden voor beëindiging daarvan, moet worden aangemerkt als een arbeidsovereenkomst aangegaan voor onbepaalde tijd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen