Hof Leeuwarden 9 januari 2007, ECLI:NL:GHLEE:2007:BA0208
In casu sprake van onredelijke vertraging in de berechting. De betrokkene heeft telkens binnen korte termijn beroep ingesteld. Tussen het tijdstip van ontvangst van de stukken ter griffie van de rechtbank en het tijdstip van verzending van de stukken naar de griffie van het hof ligt een termijn van zestien maanden, welke gekenmerkt is door enkele periodes van langdurige en onverklaarbare inactiviteit van de zijde van de justitiële autoriteiten. Vertraging is in casu derhalve uitsluitend te wijten aan de justitiële autoriteiten. Vernietiging van de inleidende beschikking.
De uitspraak op rechtspraak.nl