Hof Leeuwarden 1 december 2005, ECLI:NL:GHLEE:2005:AU7354
Ten aanzien van verdachte is bewezenverklaard dat hij als eigenaar of houder van gespecificeerd hoog-risico-materiaal, te weten een gedeelte van het ruggenmerg van een geslacht rund, een van de bepalingen van de Destructiewet, te weten het kennis geven van dat destructiemateriaal aan het verwerkingsbedrijf Rendac, niet heeft nageleefd. De Destructiewet regelt de wijze waarop ondeugdelijk materiaal van dierlijke herkomst onschadelijk moet worden gemaakt. Materiaal van dierlijke herkomst dat een groot gevaar in zich bergt voor de verspreiding van ziekteverwekkers, het zogenaamde hoog-risico-materiaal, dient onschadelijk te worden gemaakt in een verwerkingsbedrijf voor hoog-risico-materiaal. Verdachte is aansprakelijk voor het niet naleven van de bedoelde bepaling. Het hof is evenwel van oordeel dat het feit dat dat materiaal de controle van de Rijksdienst voor de keuring van Vee en Vlees heeft doorstaan, het aan verdachte te maken verwijt in behoorlijke mate relativeert.
De uitspraak op rechtspraak.nl