Hof Den Haag 24 juni 2025, ECLI:NL:GHDHA:2025:1328
Artikel 11, lid 1, onderdeel i, ten derde, Wet OB 1968: Lopen deelnemers aan beroepspensioenfonds beleggingsrisico? Aanspraak en uitkeringen zijn in de eerste plaats afhankelijk van het pensioengevend inkomen en het aantal dienstjaren. De deelnemer loopt indirect een beperkt risico dat wordt gedempt door waarborgen en de rekenrente, die de scherpste fluctuaties voorkomt. Belanghebbende is niet vergelijkbaar met een DC-fonds. De deelnemers van belanghebbende delen niet direct en volledig in de positieve en de negatieve uitschieters. Hoger beroep ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 25 IW
- Artikel 3 BIG
- Artikel 28 Wet verplichte beroepspensioenregeling
- Artikel 68 Wet verplichte beroepspensioenregeling
- Artikel 77 Wet verplichte beroepspensioenregeling
- Artikel 78 Wet verplichte beroepspensioenregeling
- Artikel 79 Wet verplichte beroepspensioenregeling
- Artikel 80 Wet verplichte beroepspensioenregeling
- Artikel 80a Wet verplichte beroepspensioenregeling
- Artikel 81a Wet verplichte beroepspensioenregeling