Hof Den Haag 3 december 2024, ECLI:NL:GHDHA:2024:2382
Art. 6.3 lid 1, letter a en f, Wet IB 2001. Belanghebbende heeft in aanvulling op het echtscheidingsconvenant betalingen gedaan aan zijn ex-partner. Belanghebbende heeft geen feiten of omstandigheden aannemelijk gemaakt die tot de conclusie leiden dat de betalingen als uitgaven voor onderhoudsverplichtingen kwalificeren. Hoger beroep ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl