Hof Den Haag 1 maart 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:648
In hoger beroep is in geschil het antwoord op de volgende vragen: a) is de navorderingsaanslag binnen de wettelijke termijn opgelegd; b) beschikt de inspecteur over een nieuw feit om na te kunnen vorderen; c) indien een nieuw feit ontbreekt: is belanghebbende ter zake van het feit of de feiten waarop de navorderingsaanslag is gebaseerd te kwader trouw; d) is de navorderingsaanslag terecht met omkering van de bewijslast vastgesteld; e) in hoeverre zijn de hennepinkomsten genoten door belanghebbende; f) zijn de inkomsten uit hennepteelt genoten in 2006; g) zijn inkomsten uit hennepteelt genoten tot het door de inspecteur berekende bedrag; h) is terecht en tot het juiste bedrag een vergrijpboete opgelegd
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 36f Sr
- Artikel 126 Sv
- Artikel 12 Opw
- Artikel 5 AWR
- Artikel 11 AWR
- Artikel 16 AWR
- Artikel 27e AWR
- Artikel 67e AWR
- Artikel 8 IW
- Artikel 3:41 Awb
- Artikel 8:42 Awb
- Artikel 8:75 Awb
- Artikel 3.8 Wet IB 2001
- Artikel 3.14 Wet IB 2001
- Artikel 3.25 Wet IB 2001
- Artikel 3.76 Wet IB 2001
- Artikel 3.78a Wet IB 2001
- Artikel 6 EVRM